De kracht maar ook de zwakte van #MeToo

Niemand onder ons is eraan ontsnapt de afgelopen dagen, de hashtag ‘MeToo’ werd gebombardeerd tot een van de meestgebruikte hashtags van Twitter (ooit!)

Zelf heb ik ook mijn verhalen onder #MeToo gedeeld, na twee jaar geleden een zwaar voorval van intimidatie mee te maken stond ik op de eerste rij om ook nu mijn stem te laten horen. En ik was niet alleen.

Een boodschap die verloren dreigt te gaan?

Om de halve seconde plaatsen vrouwen,mannen,jongens en meisjes van over de hele wereld hun verhaal met hashtag om af te sluiten. Aan het begin van de heisa was ik dan ook laaiend enthousiast over de hoeveelheid aan mensen die plots allemaal #MeToo waren, maar naarmate de dagen voorbij tikten na het gehele Weinstein-verhaal leek er buiten de hashtag zelf niet veel te veranderen.

De boodschap van #MeToo dreigt verloren te gaan als wij als maatschappij verder geen stappen ondernemen. Heel fijn allemaal dat we onze verhalen kunnen delen maar helaas stopt het daar voor #MeToo, waar het echt om zou moeten draaien is preventief voorkomen, sensibiliseren en genezen van de problematiek.

Hoe we dat zouden moeten aanpakken? #MeToo bombarderen tot een punt op de agenda van onze politici, preventief vanaf het 6e leerjaar op school wekelijks twee uur les over maatschappij en samenleving, en eindelijk een wetgeving rond intimidatie en catcalling.

Ik refereer met veel plezier daarom ook naar mijn verhaal van twee jaar geleden Avondwandeling : het hele verhaal kan je beter zelf lezen maar na een zwaar voorval van intimidatie (zeker niet mijn enige) kroop ik in mijn pen omdat ik met een grote frustratie zat, die blijkbaar twee jaar later nog steeds zeer accuraat is. Let op : mij hoor je niet klagen, na mijn verhaal in 2015 stond het allemaal even op zijn kop voor mij, ik werd uitgenodigd op het Schoon Verdiep door onze burgemeester Bart De Wever en een jaar later verscheen de campagne  Stop Seksuele Intimidatie

Maar of het veel heeft doen veranderen? In mijn ogen niet. De campagne was aanwezig in het straatbeeld maar er werd verder geen actieve actie ondernomen. Mijn klacht bij de politie werd geseponeerd wegens ‘te weinig bewijsmateriaal’. Ik heb nooit nog iets vernomen, mijn busje pepperspray heb ik ondertussen al lang de vuilbak in gesmeten aangezien ik er enkel boetes mee zou krijgen moest ik het ooit toch willen gebruiken omdat ik dan in bezit ben van verboden middelen. En ik kom na 22 uur wél terug buiten hier in de stad, omdat ik het beu ben om me als een angstig konijn te verstoppen.

Frappant toch?

De angst meedragen om een boete te krijgen wanneer je enkel je eigen veiligheid wil garanderen.

De brede waaier van #MeToo die onderlinge frustraties doet ontstaan.

“Wanneer ben je geacht de hashtag #MeToo te mogen gebruiken?” delicate vraag. De waaier van #MeToo is zeer breed wat maakt dat er onderlinge frustraties ontstaan op sociale media. We mogen niet vergeten dat aan het andere uiteinde van #MeToo de gevallen van verkrachting, aanranding en ongewenste penetratie staan ; dat lijkt soms in groot contrast te staan met de verhalen van vrouwen die nagefloten worden of die nageroepen zijn. Want zo een situaties wegen nu eenmaal niet met elkaar op.

Hoewel we allemaal één ding gemeenschappelijk hebben : onze integriteit en eigenheid voelt aan alsof het volledig gebroken is. Een man/vrouw heeft  binnengedrongen in onze comfortzones namelijk het feit dat we allemaal zijn geraakt in onze eigenheid verbaal én non-verbaal.

Maar waar trekken we dan de grens? Hoe gaan we dit nuanceren als we er als samenleving onderling alleen voor staan? En zéker in het geval van #MeToo ; aangezien vele verhalen lang onder een steen hebben geleefd omdat niemand van ons het aandurfde naar buiten te komen met zijn/haar verhaal, uit schaamte, angst voor het onbegrip en de vele reacties die er steeds op komen. En geloof me vrij, sommige reacties zijn niet mals.

“Zoiets lok je uit!”, “Mannen zijn nu eenmaal biologisch geprogrammeerd om zich als begerige beesten te uiten met soms iets té veel hormonen.”, “Soms kan men nu eenmaal niet alle signalen goed plaatsen…”

Na mijn eigen voorval kreeg ik zelfs privé-berichten van mannen én vrouwen die me zeiden dat ik maar geen rode lippenstift had hoeven dragen, je zo wulps en uitdagend profileren vraagt toch gewoon om zo aangesproken te worden?

Een eenzame en machteloze strijd. Zeker voor de slachtoffers.

De hashtag MeToo lijkt voor mij een zeer eenzame strijd, onderling is er meer en meer begrip. Mensen reageren op elkaars verhalen, delen hun verdriet of woede en laten hun stem horen op sociale media. Maar er is momenteel nog geen verandering in zicht.

Na de heisa afgelopen week werd ik uitgenodigd op MNM om te komen praten over de #MeToo bij het programma Generation M een zeer fijn en interessant gesprek.

Op weg naar huis bij het verlaten van de trein, wanneer ik nauwelijks 5 minuten aan het stappen ben naar mijn vriend komt er een man achter mij lopen ‘Hé schatteke, mag ik u is iets vragen?’ ik antwoord resoluut ‘Nee, bol af.’ en krijg direct het woord ‘hoer!!!!!’ naar mijn hoofd gesmeten. Ik heb uit medelijden luidop gelachen en stelde mezelf meteen de vraag ‘Zou er ooit wel écht iets veranderen als we niet nu meteen actief actie gaan ondernemen?’

Maar wie gaat die strijd in praktijk uitvoeren? Hoe gaan we dit aanpakken? Waar gaan we beginnen? Moeten wij als slachtoffers en als bevolking blijven toekijken en luisteren naar wat we naar ons hoofd geslingerd krijgen of gaan we reageren? Maar wat als ons antwoord de foute reactie uitlokt bij de daders waarop we uitgescholden of fysiek aangeraakt worden? Ik zit zelf ook nog met een heleboel vragen.

#MeToo en jij ook alsjeblieft, wij allemaal.

Zoals je ziet heb ik zelf geen sluitend antwoord op alle vragen die velen onder ons zich stellen momenteel. Wat ik wel weet is dat er meer zal moeten gebeuren dan enkel tweeten met de #MeToo, als we niet actief gaan reageren zal de boodschap van de hashtag helemaal verloren gaan en binnen enkele maanden weer helemaal vergeten zijn.

Waar het zal moeten beginnen is bij de daders, maar ook bij de maatschappij, de politici, de scholen, de opvoeding ; dat maakt de discussie zo moeilijk. Dat besef ik zeker.

Beste politici, maak hier een punt van op jullie politieke agenda. Beste scholen, investeer in lessen ivm samenleving en maatschappij. Beste politie en juridisch systeem, neem elk soort klacht over intimidatie serieus, wijs ons niet de deur en geef ons het gevoel dat ons verhaal ook écht serieus genomen zal worden. 

Preventief bijscholen, sensibiliseren, en genezen.

Laten we niet alleen maar praten over de slachtoffers van #MeToo maar over de daders, laten we #MeToo niet vanzelfsprekend nemen. Laten we reageren als we in het straatbeeld zien dat een vrouw/man ongewenste intimiteiten meemaakt. Laat ons niet alleen hoeven reageren en daarna met gebogen hoofd naar huis stappen.

Laten we intimidatie nooit meer als vanzelfsprekend beschouwen ; niet in bikini op het strand, niet met rode lippenstift op, niet met blote borstkas in de fitness, niet met een kort kleedje op een feestje. Niet als iemand na middernacht alleen naar huis stapt. Nooit.

 

Advertenties

Op zoek naar het ultieme geluk

Een maatschappij die op volle toeren draait, we kunnen er moeilijk omheen. We travakken alsof we de eigen machines van ons product (lees : het leven ) zijn.

We werken omdat we het graag doen, maar vaak ook omdat we een inkomen willen, waar we ons gezin mee willen onderhouden, nieuwe kleren kopen, een auto, een fijne vakantie of een nieuwe gsm. We werken om onze behoeften te vervullen, om tot ons geluk te komen. Materieel geluk dan toch.

We zijn zelf allemaal schuldig aan het feit dat we ons laten volproppen met materiële dingen die ons gelukkig zouden kunnen/moeten maken. Persoonlijk vind ik daar ook niets mis mee, geld maakt misschien niet gelukkig, maar geen geld maakt zeker even ongelukkig.

Volgens de wetenschap, de geschiedenis en Steven Reiss heeft elke mens zijn basisbehoeften, deze worden beschreven als : ‘Basisbehoeften zijn factoren die personen nodig hebben om gelukkig te kunnen leven.’

Gelukkig te kunnen leven.
Geluk is die ultieme top bereiken, een soort van climax. Maar wat valt er verder dan nog te ontdekken als we daar helemaal alleen op die top staan terwijl de meeste mensen nog vaak kopje onder gaan?
Eigenlijk zullen we altijd onze grenzen verleggen op zoek naar meer om uiteindelijk toch nooit tot de volledige perfectie te komen.

Het gevoel van geluk vasthouden is voor velen onder ons moeilijker dan op zoek te gaan naar nieuw geluk. Maar de meesten weten niet eens wanneer ze hun ultieme punt van geluk bereikt hebben.

Wat zou er nog fijn, ideaal en uitdagend zijn aan de ochtendstond als je weet dat je dag nooit beter zal worden dan hij nu al is?

Gelukkige zielen leven niet langer dan ongelukkige zielen, dat is de bijzondere conclusie van een 10-jarige studie bij vrouwen in The Lancet.

Een positive ingesteldheid is fijn, maar we leven er niet specifiek langer door (zie : The Lancet onderzoek). Wat toch ergens goed nieuws is voor mensen die de kans niet hebben gekregen om het geluk voor zichzelf te kunnen creëren of vinden, wat vaak beïnvloed is door omgeving en opvoeding jammer genoeg…

Geluk is niet iets dat je morgen zal vinden op straat, geluk (lees : gelukkige levensstijl) is iets dat je zelf creëert naast al het materiële.
Uit eerdere onderzoeken van het World Happiness Report blijkt dat er maar liefst 5 Scandinavische landen in de top 20 van gelukkigste landen ter wereld staan, België staat respectievelijk op plaats 18 wat betekent dat we het best goed doen. Naast de Noordelijke Europese landen scoren de Midden- en Zuid-Amerikaanse landen ook redelijk goed.

Schermafbeelding 2016-05-09 om 14.35.35

De exacte definitie van geluk is relatief, voor de ene persoon is het de zon die ondergaat en de rustige natuur, voor de andere is het een mooie wagen en een dure handtas. Een barometer voor geluk bestaat nu eenmaal niet, laat dat een gerespecteerd feit zijn én worden.

Een oplossing in de zoektocht naar het ultieme geluk is er niet, verhuis naar Denemarken (gelukkigste land ter wereld momenteel) zou ik zo zeggen.

Zo niet, dan is het de kunst en jouw taak om het zelf te creëren. Geluk is iets dat niet op straat te rapen valt, ook niet iets dat je kan winnen bij een schietkraam. Het is het doel van het leven, iets dat nooit voor de volle 100% vervuld zal zijn maar dat maakt de zoektocht misschien net des te fijner?

01:28

Het is donderdagnacht of zal ik zeggen vrijdagochtend? En de klok op het scherm van mijn computer flikkert op 01:16, mijn gedachtenmolen slaat op hol.

Ik ben nooit heel sterk geweest in praten, begrijp me niet verkeerd ; mijn mond staat niet stil. Maar hier gaat het over de combinatie van gevoelens én praten, jaren geleden heb ik dan ook ontdekt dat ik het beter in woorden kan ventileren. En na 20 jaar heb ik daar kennelijk wel vrede mee genomen.

Ik lig wakker en vraag me af of ik mezelf slachtoffer heb gemaakt van mijn eigen kwetsbaarheid?

Waar ben ik de weg verloren tussen mijn hart en mijn hoofd, en belangrijker nog : waar vind ik die weg weer terug?

Of ben ik gewoon op zoek? Naar mezelf en wat komen zal. Naar mezelf en wat zéker niet komen zal…

De klok staat ondertussen op 01:20 de cursor op mijn scherm staat soms even wezenloos te flikkeren, omdat ik denk, nalees, en reflecteer. Omdat ik het wel durf schrijven, maar nooit er iets mee durf te doen.

Ja hoor, ik heb bang. Om het achteraf opnieuw te lezen, en te beseffen dat ik me op dit eigenste moment heel zwak voelde en vanuit dat zwakke moment sterkte heb willen halen door te schrijven.

Ik ben trots, want ik schrijf het neer. Dat deed ik vier jaar geleden nog niet.

Soms vraag ik mezelf af of ik misschien nu en dan wat realistischer zou moeten worden en nadenken, soms denk ik dat het tijd is om enkele dromen kapot te prikken.

Maar die idiote gedachten van mijn kleine ‘realistische’ geweten hier diep vanbinnen verdwijnen al snel als sneeuw voor de zon wanneer ik besef dat kwetsbaar en dromerig niet per sé slecht is.

Integendeel.

Ik ben jong, ik ben op zoek, ik leef soms nog hoog met mijn voeten boven de begane grond maar ik leef, beleef, en ik schrijf.

En dat is alles wat me momenteel gelukkig maakt.

01:28

Zot van “A”, zonder Pegida dan.

Beste Mr. de burgemeester, beste Pegida,

Dit is geen gal dat ik op uw beleid spuw maar een opinie die ik graag met de wereld zou delen.

Afgelopen Zaterdag konden wij als Antwerpenaren er niet naast kijken ; een bende idioten van extreemrechts beter bekend onder de naam Pegida besloten om een wake/hulde te brengen aan de slachtoffers die zijn gevallen tijdens de aanslagen van 22 Maart 2016 bij Zaventem.

Hulde? Echt waar Pegida?

Ze trokken van het Conscienceplein in Antwerpen de hele stad door om uiteindelijk weer te eindigen bij hun beginpunt, maar het liep (uiteraard) volledig mis.

Waar was u Mr. De Wever? Er zijn namelijk belangrijke regels dat als er duidelijke aanwijzingen zijn dat er wanordelijkheid zal ontstaan tijdens een betoging, die niet langer in verhouding staat tot het recht om te demonstreren deze verboden zou moeten worden.

Waar zat u met uw hoofd toen u deze betoging onder uw verantwoordelijkheid nam?

Hitlergroeten, “Vuile nikkers’, vitrines die ze kapotslaan, … had u hiervoor geen negatief advies moeten geven? Met welk geweten hebt u deze imbecielen de straten van Antwerpen laten trotseren?

Alsof het uw problemen niet zijn. Hoe jammer.

U hebt inderdaad 1 keer een Pegida-betoging verboden, u hebt er jammer genoeg 3 teveel toestemming gegeven om wel door te gaan. Waarom kon u niet de juiste inschatting maken zoals uw collega’s in Luik en Utrecht, die de Pegida-betogingen wel hebben verboden?

Demonstraties, betogingen, opstanden die enkel geweld en haat zaaien, laat u die echt toe in ons mooie Antwerpen? Ben u uw A-waarden vergeten?

De 5 prachtige A-waarden waarvoor onze stad en 518 000 Antwerpenaren staan zijn volgens mij nog steeds : 1. diversiteit, 2. klantvriendelijkheid, 3. kostenbewustzijn, 4. integriteit, 5. samenwerken.

Hoe kan u als burgemeester zo een betoging dan toelaten? In een stad waarvan de basiswaarden diversiteit, integriteit en samenwerken zijn?

Ik weet dat er achter u nog een heel stadsbestuur staat en een coalitie die mee over zo een beslissingen beslissen, maar neemt u het de volgende keer misschien iets beter in overweging. Niet alleen voor de nabestaanden van de slachtoffers maar ook voor het Antwerpse volk, de Antwerpse cultuur die hier leeft.

Met haat en geweld te verkondigen in onze straten zal de kloof tussen verschillende culturen jammer genoeg enkel groter worden.

Laat ons nogmaals stilstaan bij het feit dat de daders van deze laffe daden geen mensen met cultuur noch religie zijn maar uitschotten van onze maatschappij. Daar kan geen enkele Moslim, Jood of Christen iets aan veranderen.

Aan de Pegida-leden valt er nog weinig te zeggen, mensen met het brein van een mossel die uit angst voor het onbekende haat komen planten in onze straten zijn hier niet welkom. Daarvoor mag je op je eigen eiland gaan wonen, en liefst zo ver mogelijk weg van ons.

Wij zijn Antwerpenaren, wij houden van cultuur, wij zijn zot van A.

Dinsdag 22 Maart 2016

Het is negen minuten na acht in de ochtend, ik sta met mijn jas aan en de sleutels van mijn kot in de hand aan mijn deur wanneer ik een nieuwsflash krijg op mijn gsm :” Sprake van explosies op Zaventem, meer info volgt.”

Ik zucht, ik denk aan een gasexplosie en aan mijn Tante Kiki die er werkt. Maar niets, helemaal niets  geeft me op dat moment het gevoel  dat vandaag de wereld  stil zou staan. Voor u, voor mij, voor alle Belgen, alle familieleden, vrienden, en mensen die in het hart getroffen zijn door afschuwelijk laffe daden.

Ik sluit de deur achter me en zet mijn weg verder naar de logopedie-les. Wanneer ik aan de bushalte sta belt mijn papa me, hij vraagt me of ik weet wat er gaande is en dat ik een radiotoestel of televisietoestel zo snel mogelijk moet aanzetten, ik zeg dat ik niet kan, dat ik dadelijk logopedie heb. Hij vraagt me om voorzichtig te zijn en zegt dat hij me graag ziet.

Ik slik.

Wanneer ik op de bus zit open ik alle mogelijk nieuwssites die ik kan vinden. ‘Aanslag’, ‘IS’, ‘Bommen.’, ‘Tientallen doden.’ Mijn mond valt open, het is muisstil op de bus. Ik heb het gevoel dat iedereen het weet, er is geen blik of woord nodig om elkaar vandaag te begrijpen. Want we begrijpen allemaal dat de wereld nu even niet op volle toeren hoeft mee te draaien.

Ik sms meteen mijn Tante Kiki, ze beantwoord mijn bericht verbazend snel. Ze beseft alles nog niet zo goed maar het is nu een kwestie van alles daar in goede banen te leiden, ze is veilig. Veilig. Het woord zindert na in mijn hoofd en in mijn buik… What the fuck ben je met het gecreëerde idee van veiligheid? Als het overal kan gebeuren en  ten allen tijden.

Ik open mijn Twitter-feed en ik zie rauw beeldmateriaal van op de luchthaven ; bloed, schreeuwende mensen, huilende mensen, een kind dat tussen het puin zit en om zijn moeder schreeuwt. De haren op mijn arm staan recht. Ik stuur een sms’je naar mijn lief, mijn zus, mijn ouders, mijn grootouders, mijn vriendinnen :”Ik zie u graag, X”

Ik kom aan bij de logopediste maar daar weet ik dat we vandaag niet mijn stem zullen trainen noch mijn uitspraak zullen bespreken. We zetten de televisie op en kijken samen naar de live beelden die we te zien krijgen. We zijn stil, we praten over wat deze verschrikkelijke dag teweeg zal brengen en dan komt dat tweede bericht binnen ‘Metrostation Maalbeek nu ook getroffen door ontploffingen.’

Op dat moment beseffen we dat deze dag gitzwart zal kleuren. Ik vertrek.

Mijn papa stuurt me om binnen te blijven, mijn mama belt me, ze is ongerust, ze wil weten waar ik vandaag nog ga uithangen en ik zeg haar heel stil :’Mama, ik denk dat ik gewoon op kot naar het nieuws ga kijken…’

Ik kom aan op kot en sla mijn laptop open, ik zet het VRT-nieuws live op, ik stuur naar mijn vrienden of ze al wakker zijn. Ik stuur naar vrienden om en rond Brussel of ze oké zijn. Al mijn bezorgde berichten zijn op het einde van de dag gelukkig beantwoord. Ik heb geluk gehad. Ik ben niemand kwijtgespeeld vandaag. Maar verdomme, hoeveel mensen kregen misschien geen antwoord op hun bezorgd sms’je? Hoeveel families en vrienden zouden nu nog in onwetendheid zijn? Ik ben moe, ik ben verdrietig, ik heb vandaag in helemaal niets zin. En dat is oké.

 

Op een plaats waar geliefden elkaar weer ontmoeten na lange tijd of afscheid nemen voor lange tijd, waar mensen vertrekken naar fijnere oorden, waar mensen naar huis vertrekken of terug thuiskomen. De meest kwetsbare plaats, het hart van emoties, warmte, liefde en gemis. Daar hebben haatdragende mensen toegeslagen. Zonder schaamte, zonder iets honderden families hun leven in één klap kapot gemaakt.

Laat ons niet buigen onder de warme adem van haat die we voelen in onze nek. Laat ons samenkomen, en niet veralgemenen. Dit is geen daad van Moslims, Joden, Christenen of welke godsdienst dan ook. Dit is een daad van haat en het enige antwoord dat wij daarop kunnen bieden is liefde.

Bemin en heb lief.

 

NO BAD DAYS

Op mijn enkel staat sinds kort de zin : ‘NO BAD DAYS’; geen slechte dagen, nu niet, nooit niet.

Meerdere mensen vroegen me redelijk verbaasd :’Wel, is dat nu écht jouw motto in het leven? Dat is toch onbestaand? Een leven zonder slechte dagen?’

De tattoo staat er helemaal niet omdat dit het motto is waaronder ik wil leven, integendeel het gaat over de betekenis die er voor mij achter zit en voor zovelen die het nooit onder de exacte woorden kunnen/willen brengen.

BAD DAYS, jou, mij en zovelen welbekend als de donkere slechte dagen, waar je de wereld als een zinkgat voor je voeten ziet verdwijnen. Ook die dagen zijn er om door te komen.

Want het zit zo, er is eigenlijk helemaal niets mis met slechte dagen, slechte dagen zijn evenwaardig aan alle goede dagen.
Na vele dagen zon hebben we regen nodig om verder te kunnen met wat we oogsten.

Het is jammer genoeg een onderwerp waar nog steeds een groot taboe rond hangt, wetende dat vele mensen elke dag moeten vechten tegen allerlei gedachten die in hun hoofd woelen. Een soort van zee die niet meteen onder controle te krijgen valt. De golven, die zo hoog komen zijn een verschrikkelijke zwaarte. Elke dag knokken om je goed in je vel te voelen, elke dag al je energie gebruiken om gelukkig te zijn, of toch op zijn minste te lijken.

Er is niets mis met een motor die even tilt slaat of een defect aan de motor, maar je moet de motor wel draaiende houden. Je moet hem smeren, je moet hem verzorgen, koesteren. Je moet er altijd mee blijven doorgaan.

We leggen de grens van onze eigen kwetsbaarheid zodanig hoog, dat we vergeten dat slechte dagen eigenlijk best wel oké zijn, gewoon een echte KUT-dag zoals je het ook wel kan noemen.
Een dag waarin we het leven gemakkelijk even aan ons mogen laten passeren, waarin je mag én kan zeggen dat het gewoon oprecht een slechte dag was. Wetende dat slechte dagen gewoon niet meer of minder zijn dan goede dagen, alleen verwerken je hoofd en hart deze helemaal anders.

Dagen zoals deze zijn geen teken van zwakte, het is humaan. Het hoort bij het mens zijn. Het hoort bij jezelf worden en vinden.
Laat het sociaal besproken worden, laat het oké zijn, voor nu, voor eens en voor altijd.

Emoties zijn een onbesproken taboe, dat anno 2016 onbestaande zou moeten zijn. Jammer genoeg zijn er maar weinig mensen die tot nog toe kunnen praten over hun KUT-dag, KUT-week of KUT-maand.

Een lang leven vol geluk is een utopie, jezelf worden en vinden in goede en slechte dagen dat is alles wat het leven een ervaring rijker maakt.

Ik wil niet meedraaien op volle toeren.

Ik ben negentien jaar en vol grote dromen en doelen in het leven. Maar soms vraag ik me af of er nog wel ruimte is om te dromen.

‘Jij studeert journalistiek? Wat wil je hierna studeren? Waar wil je gaan werken? Welke master wil je kiezen?’ vragen die ik meerdere keren hoor : familie, vrienden, kennissen van mijn ouders, collega’s van mijn ouders, nieuwe mensen die ik leer kennen.

Elke keer beantwoord ik de vraag wel wat anders ; ‘Studio Brussel misschien? Maar zou mijn stem hiervoor wel goed genoeg zijn…?’ ‘Schrijven misschien? Maar zijn mijn capaciteiten qua schrijven hiervoor wel goed genoeg?’

Om eerlijk te zijn : Ik weet het nog niet, ik weet niet of journalistiek mijn ding wel is, of het dat ooit zal zijn. En ik weet al helemaal niet waar mijn capaciteiten liggen als 19-jarige in deze maatschappij.

Ik ben opgegroeid en opgevoed met het idee dat ik moet werken voor de dingen die ik graag wil doen, want enkel als je werkt voor wat je graag doet geraak je ook ver in het leven. Alleen weet ik niet of ik eigenlijk wel zo ver in het leven wil geraken? Ik kan best gelukkig zijn als ik een versnelling lager zou schakelen.

Als jongere vandaag de dag is het niet gemakkelijk om mee te draaien in de maatschappij die aan 100 km/u aan ons voorbijraast. Bijna al mijn vrienden en vriendinnen studeren maar als de vraag dan komt van :’wat zou je later willen doen?’ is het antwoord 70% van de tijd heel simpel : ‘Ik weet het eigenlijk niet.’

Ikzelf ben vol goede moed aan de richting journalistiek begonnen, tot er een docent is die je aanspreekt op hoe je schrijft, de manier waarop. Iets subjectief. Je begint te twijfelen, je geraakt in een spiraal van demotivatie. En ik kan niet even op de pauze knop duwen om voor mezelf te recapituleren en te beraden hoe ik het nu verder ga aanpakken want de maatschappij draait voort, en niet zomaar draaien, ze draait op volle toeren.

Misschien beschrijf ik hier niet alleen een tijdsbeeld van vandaag de dag, maar ook van 10 jaar geleden en daarvoor. Maar ze maken het de jongeren er niet makkelijker op : puzzel maar eens een ‘passend’ parcours voor jezelf bij elkaar met al die studiepunten.

1 op de 5 studenten heeft kans op een depressie vandaag de dag, een bijzonder hoog cijfer. Er hangt een warme adem in onze nek die ons hijgend voortduwt op een parcours waarvan we soms niet eens weten hoe we het zelf willen uitstippelen…

Mee functioneren in de maatschappij is een must, doe je dat niet dan val je van een hele grote boot en de stroming is zodanig sterk dat het heel moeilijk is om er terug op te kruipen. Maar soms denk ik dat erachteraan zwemmen nog niet zo slecht is, op jouw tempo, op jouw manier. Je geraakt uiteindelijk toch ook aan de andere kant van de oever zolang de wil maar sterk genoeg is om ernaartoe te zwemmen.

Schakel een versnelling lager, die ‘ik-weet-het-niet’-zin is namelijk geen ramp.

Terug van weggeweest.

Terug van weggeweest maar het was even nodig, toen ik maanden geleden besloot mijn verhaal te delen met de wereld is alles (zacht uitgedrukt) volledig ontploft.

Ik wou een boodschap overbrengen en dat is me ook effectief gelukt, enkele dagen na het hele gebeuren ben ik op uitnodiging naar het stadhuis van Antwerpen mogen gaan en heb daar een fijn en interessant gesprek gehad met de woordvoerder van Bart De Wever en Martine Vrints.

Ik heb cijfers te zien gekregen en er is me verzekerd dat de Stad Antwerpen zijn werk hiervan zou maken. Onlangs is ook bekend gemaakt dat de stad effectief een campagne zal lanceren in het voorjaar tegen intimidatie op straat. Maar nu we zo een vier maanden verder zijn kunnen we beamen dat het geen lokaal probleem is (toen ook niet) maar dat het vele verder gaat dan naast de deur of een straat verder.
Ik heb eerst nog een tijd lang overwogen om te blijven schrijven maar na een ongeluk met mijn knie, en mijn studie op de hogeschool wou ik het een tijd rustig houden voor mezelf. Ik schrijf momenteel verder op een andere blog over seksisme, omdat hier alles wat anders is gelopen dan ikzelf had gewild.
Ik heb nooit de bedoeling gehad een politiek standpunt in te nemen en weiger dat de dag van vandaag nog steeds te doen, maar mijn mond houden over het eeuwige conflict wat seksisme betreft doe ik zeker niet.
En daar kwam dan plots die verdomde uitspraak van de Burgemeester van Keulen, Henriette Reker is van overtuiging dat er een soort gedragscode zou moeten komen voor dames/vrouwen/meisjes.
Haar uitspraken klonken als volgt : ’Hou een armlengte afstand van vreemden.’ ‘Verlaat je eigen groep niet.’
Dit naar aanleiding van seksueel geweld bij meer dan 100 dames op nieuwjaarsnacht in Keulen.

De haren op mijn rug stonden recht, niettemin omdat ik gisteren nog maar eens een tweet tegen kwam die als volgt ging : ‘En de vrouwen moeten ook niet in de nacht op zo’n plaatsen zijn, al helemaal niet dronken of schaars gekleed.’
Ik stel mezelf na al die maanden nog steeds de vraag, HOE kan het anno 2016 acceptabel zijn dat er mensen zijn (en blijven) die vrouwen bepaalde regels willen opleggen om zogezegd minder aanrandingen te veroorzaken? Draag geen korte rokjes, laat de rand van je boezem niet zien, drink zeker niet een glaasje te veel (ook niet op nieuwjaar), en wees zeker niet trots op wie of wat je bent, want met al dat pronken als dame lok je het toch alleen maar uit? Niet waar?

Hoe verdomd bekrompen en walgelijk.

Het aller ergste in heel de zaak in Keulen is dat er nog geen verdachten zijn opgepakt laat staan aangehouden, men weet niet wie noch wat noch waar ze zouden moeten beginnen zoeken. Maar tegelijkertijd zijn er wel 90 dames, boos, verdrietig, in shock, maar ook vol walging.

Enkele maanden geleden heb ik contact opgenomen met slachtofferhulp, om te vragen hoe ik toch op een of andere manier de man in kwestie die me had aangevallen te kunnen straffen of opzoeken, ik kreeg een doodleuk antwoord :’Hoogstwaarschijnlijk gaat je zaak geseponeerd worden, er zijn namelijk geen bewijzen noch andere feiten die ons aan een verdachte kunnen helpen. Het beste wat je kan doen is jezelf burgerlijke partij stellen maar dat gaat je juridisch heel wat kosten en bij gebrek aan bewijs zal je ook dat verliezen.’

Frappant hoe ik met lege handen en oh-zo-boos naar huis werd gestuurd, ik was zo verdomd boos op de man in kwestie maar ook op iedereen dat me niet wou helpen noch serieus nemen. Het ging me niet om een proces of niet, noch een straf. Maar het principe? Zelfs dat was niet aanwezig.

Mijn avondwandeling heb ik achter mij moeten laten, maar de kritiek niet. Laat die kritiek er ook veel meer zijn, geef de kritiek meer stemmen. De stem van elke vrouw mag er zijn. En moet er zijn.

Avondwandeling

Ik vind moeilijk de woorden om aan deze allereerste maar toch belangrijke blogpost te beginnen. Het gaat namelijk over iets wat mij als jong en actief meisje van 19 jaar oud echt wel van het hart moet.

Vorige week Woensdag (30/09/2015) begaf ik me na een leuke avond rond 22:00 uur richting de Brederostraat in Antwerpen (ik hoor het al :’Wat doe jij als jong meisje daar zo laat alleen nog?’ om te beginnen ben ik al jaar en dag vertrouwd met Antwerpen en nog nooit bang geweest laat staan dat ik daarom bepaalde plaatsen zou vermijden omwille van de angst dat sommige mensen me inboezemen. Met angst ben je namelijk niets.) 

Ik wou de bus 13 nemen richting de Paardenmarkt, daar waar ik sinds 3 weken op kot zit ( en de tijd van mijn leven beleef, wees maar zeker.) toen er plots iets enorm vreemd me overviel. Alles ging heel snel. Ik liep, mijn bus reed door, ik remde af, wou me omdraaien, een man kwam op me af, brabbelde enkele dingen in het Frans en voor ik het wist kreeg ik een zware stamp op mijn linkerbeen en vervolgens in mijn onderrug. De wereld stond even stil.

Ik had geen energie om op een normale manier te reageren laat staan nadenken wat er nu juist op dat moment exact gebeurde. Ik keerde me vliegensvlug om en ben huilend naar een jongeman verderop gestapt, deze heeft me meteen vastgenomen en getroost. Ik kan je vertellen dat de impact groot was.

Die avond was niet het enige voorval dat ik hier even wil delen met de wereld, enkele dagen ervoor namelijk Vrijdag- op Zaterdagnacht (25/09/15 – 26/09/15) na het terugkomen van een feest rond 03:30 ter hoogte van het Hessenplein werden een vriendin en ik enorm hard lastiggevallen, mannen die ons aangemaand hadden om in hun auto te stappen om vervolgens enorm hard op hun gas te drukken en over het voetpad te scheuren zaten ons op de hielen. Op dat moment greep een anonieme politiewagen in, voor ik het wist werden de mannen in de auto omsingeld door 4 stronken van politiemannen, het had jammer genoeg helemaal anders kunnen aflopen moesten deze er toen niet geweest zijn.

Na deze twee voorvallen kreeg ik enorm veel reacties van ‘Wat in hemelsnaam doe jij daar alleen als meisje?’, ‘Waarom liep je daar op dat uur?’, ‘Het was donker Noa, dan moet je je niet in de stad begeven.’ ik stond perplex. Dit waren NIET de reacties die ik wou horen. Verre van zelfs.

Waarom moet ik mij als jonge studente aanpassen aan mensen die zich nooit hebben aangepast aan onze maatschappij? 

Ik heb sinds die dag een enorm groot probleem met mezelf veilig voelen, de politie wist me makkelijk te zeggen ‘Maske, belt gewoon direct den 101 als zoiets u overkomt.’ maar zo simpel is het niet, als een man van 1m90 u twee stampen verkoopt is je eerste reflex jammer genoeg niet naar je gsm graaien.

Mij probleem ligt OOK bij het Antwerpse beleid, onze geliefde burgemeester De Wever zou zich beter een beetje meer toeleggen op de veiligheid in Antwerpen dan bij het uitschrijven van GAS-boetes omwille van het wildplassen van zatte studenten of enkele schooljongeren die een papiertje naast de vuilbak gooien. Dit is misschien een beetje kort door de bocht van mij, maar ikzelf accepteer het niet als normaal dat wanneer ik aan de politieman vraag ‘Maar meneer, wat moet ik dan doen om me veilig te voelen?’ het volgende antwoord krijg :’Jongedame, begeef u niet alleen na zonsondergang in de stad en koop uzelf pepperspray. Een boete wegens verboden goederen op zak is wel het minste als je je leven in veiligheid wilt brengen.’

Mijn mond viel open.

De maatschappij en de stad moeten zorgen voor een veilig gevoel, niet het busje pepperspray dat in mijn handtas zit en de noodknop die aan mijn sleutelhanger hangt.

Ik ben een meisje en dat zou mij niet mogen beperken, nooit, nergens. Zelfs niet als ik na zonsondergang de straat op wil.

Met angst ben je niets, maar met op je hoede zijn wel. Let op. Hoe jammer dit ook mag klinken. Antwerpen is niet veilig, en zeker niet na dat de zon achter de wolken zakt.